Minimumeisen beroepschrift

Wat betreft de inhoud van een beroepschrift heeft de wetgever enkele minimumeisen gesteld waaraan voldaan dient te worden. Indien deze minimumeis niet gesteld zou worden aan de inhoud van een beroepschrift, dan zou de behandeling daarvan niet goed kunnen plaatsvinden.

Zo dient het beroepschrift te worden voorzien van uw naam, uw adres, uw woon- of verblijfplaats en van een dagtekening (datum). Daarnaast dient u een omschrijving te geven van het besluit waartegen het beroepschrift is gericht alsmede de gronden (waarom u het niet eens bent met het besluit) van het beroep.

Indien het beroepschrift in een vreemde taal is gesteld en een vertaling voor een goede behandeling van het beroep noodzakelijk is, dan dient u zorg te dragen voor een vertaling. Ten slotte moet het beroepschrift worden voorzien van uw handtekening. Indien niet terstond aan alle eisen wordt voldaan, dan dient de rechtbank op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) u in de gelegenheid te stellen om binnen een daartoe gestelde termijn een gebrek in het beroepschrift te herstellen.

Naam in beroepschrift

Het is niet mogelijk om een beroepschrift anoniem in te dienen. In de Algemene wet bestuursrecht (Awb) wordt de eis gesteld, dat het beroepschrift voorzien wordt van de naam van degene die beroep instelt en van een ondertekening. Met de eis van ondertekening bedoelt de wetgever een handtekening. De ondertekening moet dienst doen als bewijs dat het beroepschrift daadwerkelijk door of namens de indiener is opgesteld. De handtekening hoeft dus niet per se van de persoon die beroep maakt afkomstig te zijn, omdat degene die beroep instelt namelijk vertegenwoordigd kan worden of gebruik maakt van een gemachtigde.

Adres in beroepschrift

Het is niet noodzakelijk dat het adres in het beroepschrift gelijk is aan het adres waarop degene die beroep instelt ook daadwerkelijk woont of verblijft. De indiener van het beroepschrift kan bijvoorbeeld voor de behandeling van de zaak een ander adres kiezen,  bijvoorbeeld dat van diens vertegenwoordiger of gemachtigde. Volgens jurisprudentie mag een emailadres niet als een “adres” worden beschouwd. Een eventuele adreswijziging tijdens de beroepsprocedure, dient aan het behandelende bestuursorgaan kenbaar gemaakt te worden.

Dagtekening in beroepschrift

Uit de memorie van toelichting op de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan worden afgeleid dat de dagtekening (datum) in het beroepschrift voor de ontvankelijkheid van minder belang is dan de datum van ontvangst of verzending, maar dat het toch zinvol is om deze te vermelden. Bij een termijnoverschrijding kan dat bijvoorbeeld uitkomst bieden als de dagtekening en de datum van ontvangst sterk verschillen.

Omschrijving besluit in beroepschrift

Aan de eis dat het bestreden besluit dient te worden omschreven, kan worden voldaan door simpelweg een afschrift van dat besluit mee te zenden met het beroepschrift en daarnaar te verwijzen.

Gronden in beroepschrift (motivering)

Met de gronden bedoelt de wetgever de argumenten of de onderbouwing van het beroepschrift, dus de redenen die de insteller van beroep aanvoert om te bewerkstelligen dat het besluit wordt vernietigd of gewijzigd. Aan de motivering worden niet al te hoge eisen gesteld. Een summiere aanduiding van de gronden in het beroepschrift is reeds voldoende. Daarnaast is het mogelijk om een zogenaamd pro forma beroepschrift in te dienen waarbij degene die beroep instelt, de mogelijkheid moet worden geboden door de rechtbank om de gronden in een later stadium aan te voeren.

Echter worden in de praktijk vaak beroepschriften aangetroffen met de vermelding dat het besluit in strijd is met de daaraan ten grondslag gelegde wettelijke bepalingen, de algemene beginselen van behoorlijk bestuur (bijvoorbeeld het zorgvuldigheids,- gelijkheids- of vertrouwensbeginsel), de overige ter zake geldende bepalingen of op een onjuiste feitelijke grondslag is gebaseerd. In jurisprudentie is bepaald, dat een dergelijke motivering in het beroepschrift niet beschouwd mag worden als het aanvoeren van gronden.